Stroomschema voor een betere diagnose
Experts ontwikkelden een duidelijk schema voor zorgverleners om de diagnose diabetes beter te kunnen bepalen. Dit schema heet de: Flowchart Differentiaal Diagnose Diabetes.
Bekijk het schema
Het wordt steeds duidelijker dat diabetes type 2 niet bij iedereen dezelfde oorzaak heeft. Dit bevestigen resultaten uit het Zweedse ANDIS-onderzoek. Volgens de wetenschappers zijn er verschillende groepen mensen met diabetes type 2. En dit kan bijvoorbeeld voorspellen welke complicaties iemand kan krijgen.
Aan het ANDIS-onderzoek doen bijna 19.000 mensen mee. De onderzoekers schreven al eerder over de verschillende soorten diabetes type 2. Ze noemen dit: subtypen. De onderzoekers bepaalden deze subtypen door verschillende dingen te meten bij de diagnose. Zoals de BMI, het HbA1c, insuline-afgifte en hoe gevoelig mensen zijn voor het hormoon insuline. Ook keken de onderzoekers naar stoffen die passen bij diabetes type 1, zoals GAD-antistoffen.
Nu hebben de wetenschappers onderzoek gedaan naar de kans op complicaties bij diabetes type 2. En hoe dit verschilt per subtype van diabetes type 2, gemiddeld 9 jaar na de diagnose. Ze keken hiervoor naar problemen die komen door schade aan de kleine bloedvaatjes. Zoals schade aan de nieren, oogproblemen en beschadigde zenuwen. En ze keken naar problemen met het hart en de grotere bloedvaten. Bijvoorbeeld hartfalen, een hartaanval of beroerte.
De wetenschappers hebben een indeling gemaakt voor 5 subtypen. Sommige kenmerken van de subtypen kunnen overlappen.
SAID. Dit staat voor: 'severe autoimmune diabetes'.
Vertaald in het Nederlands: diabetes wat te maken heeft met een auto-immuniteit, dus je afweersysteem valt het eigen lichaam aan.
Deze groep heeft auto-immuunstoffen bij hun diagnose. Dit betekent dat ze eigenlijk geen diabetes type 2 hebben, maar diabetes type 1 of een vorm van diabetes type 1: LADA. Mensen in deze groep krijgen dus een verkeerde diagnose.
De subtypen kunnen belangrijk zijn bij de diagnose van diabetes type 2, legt apotheker en leefstijlexpert Anne-Margreeth Krijger uit. ‘Nu krijgt iemand de diagnose diabetes als de bloedglucose op 2 verschillende dagen te hoog is. Maar dan is niet duidelijk waarom de bloedglucose te hoog is. Maakt de alvleesklier te weinig of juist nog heel veel insuline? Of is het lichaam heel ongevoelig voor insuline?’
Er zijn wel manieren om te bepalen of je lichaam te weinig insuline maakt. En hoe je lichaam reageert op insuline. Maar dit wordt nog weinig gedaan. Behalve als er een vermoeden is dat iemand diabetes type 1 heeft. Nu wordt bij diabetes type 2 soms pas verder gekeken als behandelingen niet goed genoeg werken.
> Lees meer over verschillen in de behandeling van diabetes type 2.
Krijger: ‘Dit zouden we volgens mij beter kunnen uitzoeken bij het ontdekken van diabetes. Dus voordat we starten met de behandeling. Eerst goed uitzoeken welk type diabetes iemand heeft.’ De Nederlandse Diabetes Federatie heeft hiervoor met steun van het Diabetes Fonds een duidelijk schema gemaakt.
Experts ontwikkelden een duidelijk schema voor zorgverleners om de diagnose diabetes beter te kunnen bepalen. Dit schema heet de: Flowchart Differentiaal Diagnose Diabetes.
Bekijk het schemaHet stroomschema voor een betere diagnose werd gemaakt met steun van het Diabetes Fonds. Er gebeurt onderzoek naar.
Lees meer bij het Diabetes FondsMet die kennis kan ook beter bepaald worden welke behandeling helpt. ‘Mensen die weinig insuline maken, kunnen hun leefstijl veranderen. Maar dit helpt vaak niet genoeg om de bloedglucose in evenwicht te krijgen. Ze hebben een behandeling met insuline nodig.’ Dit zijn in het ANDIS-onderzoek de SAID-groep en de SIDD-groep. 'Als we bij hen op tijd met insuline starten, zorgt dit hopelijk voor minder schade aan de ogen en zenuwen.’
‘Dit verschilt van mensen die wel veel insuline maken, maar hier heel ongevoelig voor zijn’, vervolgt Krijger. Zoals de SIRD-groep in het onderzoek. ‘Deze groep heeft niet nog meer insuline nodig. Dat is bij hen niet de oorzaak van de hoge bloedglucosewaarden. Juist bij deze groep en de MOD-groep kan verandering van leefstijl een groot verschil maken. De kans is groot dat zij dan minder of geen medicijnen meer nodig hebben.’
Leefstijl blijft trouwens voor iedereen met diabetes belangrijk. ‘Het zorgt niet alleen voor betere bloedglucosewaarden. Het voorkomt en vermindert ook complicaties.’
> Wil je meer lezen over de verschillende manieren om diabetes type 2 te behandelen? Lees dan ook dit uitgebreidere interview met Anne-Margreeth Krijger.
Bronnen: Diabetesgeneeskunde: ‘Diabetessubtypen voorspellen sterk uiteenlopende risico's op complicaties’, ‘Comorbidities and mortality in subgroups of adults with diabetes’, ‘Novel subgroups of adult-onset diabetes and their association with outcomes’, Flowchart Differentiaal Diagnose Diabetes.
Beeld: Jakub Zerdzicki, Shutterstock
Wil je meer weten over de nieuwste ontwikkelingen? Bijvoorbeeld over nieuwe behandelingen, medicijnen en onderzoek. Meld je dan aan voor onze nieuwsbrief. Je ontvangt deze iedere 2 weken.
Meld je gratis aan
Veel mensen met diabetes type 2 gaan meer bewegen om af te vallen. Op de weegschaal zie je daar niet altijd iets van terug. Maar dat zegt niet alles. Onderzoeker Patrick Schrauwen weet veel over de verschillende voordelen van bewegen voor mensen met diabetes type 2 en prediabetes. Tijdens het Europese diabetescongres EASD vertelde hij hierover.

Nederlandse onderzoekers keken of ze schade aan bloedvaten kunnen herstellen met pyridoxamine: een speciale vorm van vitamine B6. Ze ontdekten dat deze stof inderdaad werkt bij mensen met diabetes type 2.

Een continue glucosesensor meet dag en nacht je bloedglucose. Bij diabetes type 2 krijg je deze sensor meestal niet vergoed. Maar nieuw onderzoek laat zien dat een continue glucosesensor wel kan helpen bij mensen met diabetes type 2.

Er zijn steeds meer medicijnen voor diabetes type 2. En we weten steeds beter hoe belangrijk leefstijl is. Hoe vullen verschillende behandelingen elkaar aan? Apotheker en leefstijlexpert Anne-Margreeth Krijger geeft antwoord.